Terugblik leernetwerk schoolleiders: hoe besteden we de NPO-gelden?

Tussen april en september 2021 organiseerde de gepensioneerde schoolleider Willem Janssen een tijdelijk leernetwerk voor schoolleiders. Een groep van elf schoolleiders, verspreid over het hele land, is tijdens vijf online bijeenkomsten aan de slag gegaan met het Nationaal Programma Onderwijs, bedoeld om de corona-leerachterstanden tegen te gaan.

Er zijn veel effectieve voorbeelden en ideeën gedeeld voor de besteding van de NPO-gelden, waar de schoolleiders mee aan de slag gingen! Met een prachtig resultaat: elke school heeft een sterker plan van aanpak kunnen realiseren.

Hoofdvraag: Hoe gaan we de inhaal- en ondersteuningsprogramma's vormgeven en hoe zorgen we ervoor dat ze doorgang vinden?

Wat heeft het leernetwerk bereikt?

Met waardevolle input van andere schoolleiders heeft ieder lid van de groep een plan van aanpak kunnen realiseren voor de eigen school. Binnen het leernetwerk zijn alle plannen openlijk gedeeld in een beveiligde omgeving van Microsoft Teams. Scholen besluiten zelf of ze dit plan wel of niet willen delen met hun omgeving.

Om tot een eigen plan van aanpak per school te komen, zijn vijf sessies georganiseerd.

Sessies

Om tot een eigen plan van aanpak per school te komen, zijn vijf sessies georganiseerd:
 

Sessie 1: Begrijpen | Gezamenlijk analyseren en begrijpen van de opdracht, geformuleerd door het ministerie

Het bleek niet eenvoudig de opdracht goed scherp te krijgen: schoolleiders hadden veel vragen over de schoolscan, de beoogde executieve vaardigheden, de sociaal-emotionele gevolgen van corona, het tijdpad, de verantwoording, de zomerschool, de rol van de gemeente, enzovoorts.

Vooral de eis van een zomerschool bleek voor veel schoolleiders een heikel punt.

Willem: “We vroegen ons af: mag zo’n zomerschool bijvoorbeeld ook uit activiteiten bestaan die de leerlingen helpen op sociaal-emotioneel gebied, zoals een sportieve dag?”


Sessie 2: Ontdekken | Overleg met het Ministerie van Onderwijs en de Onderwijsinspectie

Om effectief aan de slag te kunnen gaan heeft de groep hun vragen uit sessie 1 voorgelegd aan een senior beleidsadviseur van het Minister van Onderwijs en een onderwijsinspecteur. Er zijn geen gevalideerde schoolscans voorhanden en daarom maakt iedere school en schoolbestuur de analyse voor zichzelf. Zo’n schoolscan kan bijvoorbeeld met een zorgcoördinator of een coördinator schoolmaatschappelijk werk gedaan worden. Het geeft een basis, waarmee je als schoolleiding verder kunt bouwen.

Willem: “Deze sessie was zowel voor onze groep als voor het Ministerie erg waardevol: wij kregen duidelijkheid en het Ministerie kreeg informatie wat er in het land leefde. Een vrije invulling van de zomerschool bleek bijvoorbeeld inderdaad te kunnen, als je maar een doordachte invulling hebt. Er ontstond ook zin bij de schoolleiders om zaken goed aan te pakken. Steeds vanuit de gedachte om het huidige te intensiveren, in plaats van iets nieuws te bedenken.”


Sessie 3: Ontwerpen | Gedachten uitwisselen om de NPO-gelden effectief te besteden

In een open gesprek werden eerste ideeën uitgewisseld.

De uitgangspunten van de groepsleden waren:

  • Beleid opstellen gericht op de langere termijn, waar alle leerlingen profijt van hebben
  • Acties uitzetten die aansluiten bij de eigen visie, het huidige beleid en bestaande contacten (voortbordurend op wat er al is)
  • Personeel laten meedenken: een open uitwisseling van ideeën tussen schoolleiding en docenten stimuleren

Voorbeelden van ideeën van deelnemers:

  • Een NPO-coördinator aanstellen (0,2 fte) met een duidelijke taakomschrijving.
  • Opzetten van werkgroepen waar docenten aan deelnemen, vanuit hun eigen passie maar ook als ook onderdeel van deskundigheidsbevordering.
  • Vanaf de start betrekken van de MR, om het proces vloeiender te laten verlopen.
  • Alle communicatie op één plaats houden (bv. Sharepoint in Microsoft Office) als het gaat om corona-interventies en veranderde lesinvullingen. Vaksecties kunnen zo bij anderen meekijken.

Willem: “Een opvallend item in deze sessie was verder de moeite die krimpende scholen hebben met het verantwoorden aan hun personeel wat ze met het NPO-geld doen. Enerzijds moeten deze scholen personeel ontslaan omdat er volgend jaar simpelweg minder leerlingen zijn, anderzijds worden er investeringen gedaan (ook in mensen) met de NPO-gelden. Die investeringen zijn dan wel tijdelijk, toch is dit lastig uit te leggen.”


Sessie 4: Maken | Van een idee naar een gedegen aanpak: geven van feedback aan elkaar vanuit eigen ervaringen op school

Willem: “Je zag in deze sessie hoe vindingrijk mensen kunnen zijn. De ene schoolleider gebruikt hun studietijd voor nieuwe interventies, de andere vraagt docenten om hun hobby of passie (bijvoorbeeld muziek of sport) in te zetten voor een extra activiteit. Deze sessie werd als zeer prettig ervaren omdat je veel van elkaar leert. Door de tips van anderen kan je weer beter verder.”

Voorbeelden van acties van scholen:

  1. Het aanstellen van een eigenaar/kartrekker bij interventies. Dit werkt heel motiverend!
  2. Leerlingen betrekken en initiatief laten nemen, bijvoorbeeld in een gezonde(re) kantine
  3. Extra begeleiding tot de herfstvakantie door docenten die hiervoor extra uren betaald krijgen. Dit kan ook in keuzewerktijd plaatsvinden, waarbij leerlingen zelf aangeven welke begeleiding ze wensen.
  4. Verplichte interventies voor leerlingen die de overgangsnorm (net) niet halen.
  5. Uitbreiding van coaching: een coachopleiding voor docenten.
  6. Voor de mentoren 2 extra uren per leerling per jaar voor ‘leren leren’, voornamelijk de executieve vaardigheden. Deze kunnen bijvoorbeeld tijdens (meer) mentoruren aangeleerd worden.
  7. Samenwerking met gemeenten (ook uit budget-overwegingen) voor activiteiten rondom het welzijn van de leerlingen. Een voorbeeld kan zijn om een sportieve activiteit te organiseren, zoals een dag met elkaar zeilen!
  8. Benoeming van onderwijsassistenten op projectbasis.
  9. Kleinere clusters: bijvoorbeeld extra brugklassen.
  10. Twee docenten tegelijk voor de klas om elkaar te kunnen ondersteunen.
  11. Een extra rooster opzetten (naast het basisrooster) om leerlingen en docenten met een vrij uur elkaar te kunnen laten ontmoeten.
  12. Uitbreiding van het studiecentrum voor huiswerkbegeleiding van de school, onder leiding van docenten, voor een symbolisch bedrag.


Sessie 5: Delen | Delen van de uitgewerkte plannen van aanpak met elkaar, de puntjes op de i zetten
 

Conclusie

Er blijkt veel veranderingszin en potentieel binnen de scholen aanwezig.

Willem: “Tot mijn eigen verrassing was er bijvoorbeeld geen enkele school die met een commerciële partij in zee ging of wilde gaan, ze hebben alles zelf opgezet en voeren dat momenteel uit. Prachtig om te zien.”

Wat heb je als schoolleider aan een leernetwerk?

Leernetwerken zijn vaak waardevol: de deelnemende schoolleiders ervaren veel steun aan elkaar. Ondanks corona en het online vergaderen, ontstond er ook nu onderling een fijne band. De hectiek van de dag, het tijdpad en het onbekende zorgde er daarnaast óók voor dat schoolleiders zich soms moesten afmelden. Het is goed om daar op voorbereid te zijn.

Willem: “Ik zou andere leernetwerken adviseren om indien mogelijk drie sessies te organiseren. Mensen willen graag snel nieuwe ideeën op kunnen doen, ermee aan de slag kunnen en nog één keer kunnen evalueren. Drie sessies is daarom een mooi aantal.”

Sommige schoolleiders blijven ook na de laatste sessie contact met elkaar houden.

Willem adviseert: “Gun jezelf de tijd om je netwerk uit te breiden om je kennis en ervaringen te delen. Je hebt er zó veel aan!”